In 2015 werd de grote tribune in de schouwburg van de VELINX reeds vervangen. Sindsdien is de aansluiting van de tribune met het podium een feit en is de afstand tussen publiek en artiest met ettelijke meters verkleind. Deze opstelling creëerde nieuwe mogelijkheden. Een aantal theater- en dansvoorstellingen - die voorheen noodgedwongen scène-sur-scène speelden - kunnen sindsdien richting grote zaal optreden. Met 594 zitjes blijft de VELINX trouwens één van de grootste schouwburgen in Limburg.

Maar daarnaast vormt ook de kleine tribune - met 158 zitjes - ontegensprekelijk een absolute meerwaarde voor de VELINX.

An Christiaens – burgemeester wnd/schepen van cultuur

“Naast de grotere voorstellingen die doorgaans in de schouwburg plaatsvinden programmeert de VELINX heel bewust elk seizoen ook een aantal kleinere producties. Het gaat dan bijvoorbeeld om theater- en dansvoorstellingen in een kleine opstelling of om familievoorstellingen voor de allerkleinsten.  De intieme setting van deze voorstellingen creëert een buitengewone beleving. Het publiek zit er zo dicht op dat ze de artiest haast bijna kunnen aanraken. Deze bijzondere sfeer wordt erg geapprecieerd en dit zowel door het publiek, maar zeker ook door de artiesten.

De kleine tribune – wij spreken doorgaans van de scène-sur-scène opstelling - wordt gedurende het cultuurseizoen meerdere keren per week gebruikt en dit om kleinschaliger producties te tonen. Het intieme karakter van de opstelling zorgt voor een optimale verbinding en beleving tussen publiek en artiest. Na 25 jaar trouwe dienst was onze kleine tribune evenwel aan vervanging toe. De tribune schoof nog maar moeizaam in en uit en een herstelling van het mechanisme was quasi onmogelijk. Bovendien waren verschillende zitjes defect en werkten de armleuningen niet meer naar behoren.”

 

De opdracht tot aankoop en plaatsing van een nieuwe tribune werd toegewezen aan de firma NV Jezet Seating uit Pelt. Voor het plaatsen van de nieuwe inschuifbare tribune is een budget voorzien van 174.240 euro (incl. BTW).

foto Jeroen Huygen